Wetsontwerp Lokale Integrale Veiligheidscellen goedgekeurd: jeugdwelzijnswerk ongerust

Op 18 juli werd een wetsvoorstel aangenomen in de kamer dat stelt dat elke gemeente vanaf nu over een ‘Lokale Integrale Veiligheidscel’ (LIVC) moet beschikken. LIVC’s bestaan al sinds 2015, maar slechts de helft van de Vlaamse steden en gemeenten heeft er één. Vanaf nu wordt dit dus van elke gemeente verwacht en wordt ook de samenstelling en de werking van LIVC’s bepaald.

Een LIVC heeft als doel om personen te detecteren die in een vroeg stadium van radicalisering zitten zonder dat hier al sprake moet zijn van een misdrijf. Er kan niet alleen informatie doorgegeven worden van veiligheids- en inlichtingendiensten naar het lokaal niveau, maar ook omgekeerd.

De liga voor Mensenrechten en Uit de Marge/CMGJ wijzen op een aantal knelpunten mbt minderjarigen:

  • Wie wordt gevolgd en waarom? Een LIVC is bedoeld ter bespreking van personen waarvan er ‘aanwijzingen zijn dat hij of zij zich in een radicaliseringsproces bevindt’. Hier worden verder geen criteria aan gekoppeld, er moet ook geen sprake zijn van een misdrijf. Gezien bijvoorbeeld de huidige cijfers van ethnic profiling kan worden aangenomen dat sommige jongeren sterker geviseerd zullen worden.  Het is ook niet duidelijk wat de gevolgen zullen zijn van een bespreking op een LIVC. Het is weliswaar verboden om databanken aan te leggen louter op deze basis, maar er zijn heel wat diensten betrokken bij de bespreking zelf, zonder dat hier garanties tegenover staan t.o.v. de besproken personen.
  • Wat wordt gedeeld en met wie? Afhankelijk van de besproken casus en de specificiteit van de gemeente kan de samenstelling van een LIVC sterk verschillen. De opsomming van diensten die kunnen worden uitgenodigd om deel te nemen, is erg uitgebreid: politiediensten, justitiehuizen en ziekenhuizen, maar ook medewerkers van OCMW, VDAB, CAW en stadsdiensten (zoals jeugd) horen tot de mogelijkheden. Als jeugdwerkers, bijvoorbeeld vanuit hun hoedanigheid als stadspersoneel, worden gevraagd om deel te nemen aan een LIVC en informatie te delen over hun jongeren, staan ze voor een stevig belangenconflict. De vertrouwensband tussen jongere en jeugdwerker is de basis van elke werking. Bovendien stelt het wetsontwerp dat ook informatie die valt onder het beroepsgeheim moet kunnen worden gedeeld in een LIVC.
  • Conflict met wet op jeugdbescherming: volgens het artikel 55 van de jeugdbeschermingswet moet informatie over een minderjarige en zijn thuismilieu geheim blijven. Het lijkt echter niet uitgesloten dat dezelfde minderjarige wordt besproken op een LIVC en hier geldt die bepaling niet.

Jeugdwerkers, met vragen over de rechten van minderjarigen in deze kwestie, kunnen contact opnemen met Uit de Marge, de Liga voor Mensenrechten of tZitemzo.


De tekst met het wetsontwerp vind je hier.

Het artikel door Apache lees je hier.