Dwang: beleving van jongeren versus cijfers zorginspectie

In juni werden de cijfers van het onderzoek naar vrijheidsbeperkende maatregelen in de onthaal-, oriëntatie- en observatiecentra (OOOC's) en de zogenaamde proeftuinen bekend gemaakt. Bijna alle geïnspecteerde afdelingen zeggen werk te maken van een preventieve cultuur waardoor vrijheidsbeperkingen minder snel nodig zijn. Ongeveer de helft hanteert vrijheidsbeperkende leefregels (bijvoorbeeld inzake toegang tot de kamer of gebruik van gms’s), maar slechts 7 van de 30 maakt gebruik van afzondering, en dit slechts in uitzonderlijke situaties, bij aanhoudende agressie en zo kort mogelijk.

Positieve cijfers die echter best eens naast de beleving van kinderen en jongeren zelf worden gelegd.

In een reactive van Cachet vzw, horen we dat vrijheidsberoving van jongeren over heel wat meer gaat dan isolatie en afzondering. Jongeren in een voorziening zijn doodgewone jongeren, maar worden door hun leefomstandigheden vaak uitgesloten van doodgewone activiteiten: een logeerpartij, even blijven plakken na school.. gaat met zo veel afspraken en procedures gepaard dat jongeren dit ervaren oneerlijk, wat dan weer net een aanleiding kan geven tot frustraties en protest.

Jongeren geven aan dat leefregels die inspelen op deze frustraties, veel beter werken dan preventieve reglementen. De mogelijkheid om je even terug te trekken op je kamer of je hart te luchten bij een bepaalde begeleider, maakt vaak een fundamenteel verschil.

Cachet en de Vlaamse jeugdraad roepen op om regels en structuren niet principieel op te leggen, maar samen met de jongeren te bepalen of te evalueren, vanuit een maximale participatie en gelijkwaardigheid.

Het volledige artikel lees je hier.