Belgische kinderrechtenorganisaties in Genève

Het kinderrechtenverdrag werd op 20 november 1989 aangenomen door de Verenigde Naties en in 1991 geratificeerd door de Belgische staat. Om het toezicht op de naleving van het verdrag te garanderen, moet elk deelnemend land op regelmatige basis rapporteren bij het Kinderrechtencomité. De Belgische overheid diende haar rapport in op 20 juli 2017. Het Kinderrechtencomité doet vervolgens een beroep op ngo’s, middenveldorganisaties en mensenrechteninstellingen, om een volledig beeld te krijgen van de situatie in elk land. De Kinderrechtencoalitie Vlaanderen en haar Franstalige tegenhanger La Coördination des ONG pour les droits de l’enfant (CODE), stelden hiervoor al een gezamenlijk alternatief rapport op, net als Unicef, de Kinderrechtencommissarissen en Unia, Myria en het Steunpunt armoedebestrijding.

Op 4 juni werden al deze organisaties ontvangen door het Kinderrechtencomité tijdens een besloten zitting, de pre-sessie. We brachten er de belangrijkste punten van onze alternatieve rapporten naar voor:

  • Armoede: Het aantal kinderen dat in armoede leeft in België, blijft stijgen. Opgroeien in armoede heeft een enorme impact op het welzijn van een kind en op de samenleving als geheel. Het Comité vroeg ons land in 2010 al om gewaarborgde budgetlijnen voor kwetsbare kinderen en een versterking van de sociale zekerheid en kinderbijslag. We drongen aan bij het Comité om deze vragen te herhalen, zodat in België kinderen structureel kunnen worden beschermd tegen armoede en dakloosheid.
  • Geweld: Te veel kinderen zijn het slachtoffer van huishoudelijk geweld en sexuele uitbuiting. We vragen dat België meer inzet op professionalisering van eerstelijnshulp mbt kindermisbruik en meer sensibiliseert rond geweldloze opvoeding.
  • Migratie: kinderen in migratie en niet begeleide minderjarige vluchtelingen behoren tot de meest kwetsbare groep minderjarigen in ons land. Het hoger belang van het kind wordt in heel wat migratiewetgeving niet in overweging genomen; terugsturen van gewortelde kinderen, de procedures rond leeftijdsbepaling en detentie van kinderen in gesloten centra moeten in dit kader worden herzien.
  • Onderwijs: het onderwijssysteem van België reproduceert nog steeds ongelijkheid. Er moet een doorgedreven gelijkekansenbeleid worden gevoerd en het inclusief onderwijs moet beter ondersteund worden.
  • Jeugdhulp: wachtlijsten voor jeugdhulp vormen in België nog steeds een probleem, evenals de participatie van kinderen en jongeren en de continuïteit in de jeugdhulp. Ook de hulpverlening en opvang van kinderen in complexe situatie of met psychische problemen, schiet te kort.
  • Justitie: ondanks de eerdere aanbevelingen van het Comité, is uithandengeving van minderjarigen in België nog steeds mogelijk. We vragen dat elke minderjarige zonder uitzondering wordt berecht binnen het jeugdrecht.

Op basis van de alternatieve rapporten en de afgelopen pre-sessie, stelt het Kinderrechtencomité binnenkort een vragenlijst op voor de Belgische overheid, waarop binnen de 2 maand moet worden geantwoord. In januari 2019 volgt de officiële openbare zitting, waarna het Comité België de slotbeschouwingen voorlegt voor de komende 5 jaar.

De Kinderrechtencoalitie en la Coordination des ONG pour les droits de l’enfant, blijven er op toezien dat aan deze aanbevelingen gehoor wordt gegeven.

Lees hier het Alternatief Rapport door de Kinderrechtencoalitie en La Code.